Niet echt ziek? Wout van Aert doet geruchten de mond snoeren
Er waren vooraf heel wat twijfels, maar Wout van Aert veegde die moeiteloos van tafel in de eerste etappe van de Giro. Hij eindigde meteen knap als tweede en ligt daarmee op koers om de roze trui de komende dagen te kunnen veroveren.

Geen blufpoker
Omdat Van Aert zo openlijk had gesproken over zijn ziekte en toch sterk presteerde in de openingsetappe, ontstonden er al snel speculaties. Sommigen suggereerden dat hij overdreef over hoe ziek hij werkelijk was. Maar Van Aert maakte daar zelf korte metten mee.
“Dat zou toch heel dom van mij zijn?”, reageerde hij. “Als ik zeg dat ik ziek ben, dan geef ik andere ploegen juist een reden om het tempo op te drijven en me proberen te lossen. Als ik niet echt ziek was geweest, dan zou het heel dom zijn om dat te zeggen.”
Hij begrijpt dat er altijd aannames worden gedaan, ongeacht wat hij zegt. “Als je vooraf zegt dat je ziek bent, zeggen mensen dat je bluft. Als je het pas achteraf zegt, beweren ze dat je met een excuus komt.”
Tussen hoop en vrees
Hoewel hij er op sommige momenten fris uitzag – hij bewoog zich ogenschijnlijk moeiteloos naar voren – had Van Aert het toch lastig. In de laatste kilometer van de slotklim kreeg hij het moeilijk en viel terug, al slaagde hij erin om bij de groep te blijven.

“Die laatste kilometer was echt overleven,” gaf hij toe aan HLN. “Het was op de limiet, tot aan de top harken. Ik wist dat dit een van mijn weinige kansen was om de roze trui te pakken, dus ben ik diep gegaan.”








